ECLI:NL:CRVB:2017:643
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.T. van den Corput
- H. Lagas
- Rechtspraak.nl
Vernietiging overplaatsingsbesluit wegens onvoldoende dienstbelang en motiveringsgebrek
Betrokkene, werkzaam bij de politie sinds 1981 als praktijkbegeleider van studenten, werd overgeplaatst na klachten over het bidden en handoplegging met studenten tijdens werktijd, wat als ongewenst werd beschouwd vanwege de gezagsrelatie. De korpschef beriep zich op het dienstbelang voor de overplaatsing, maar de rechtbank vernietigde het besluit en herroept het primaire besluit wegens onvoldoende bewijs en gebrekkige onderbouwing.
In hoger beroep bevestigt de Raad dat het dienstbelang onvoldoende is aangetoond en dat het bestreden besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid is voorbereid. De rechtbank had appellant de gelegenheid moeten geven om de gebreken te herstellen in plaats van zelf in de zaak te voorzien. Het nader besluit van december 2016, waarin opnieuw overplaatsing werd bevolen, wordt eveneens vernietigd wegens strijd met artikel 7:12 van Pro de Awb.
De Raad concludeert dat er onvoldoende vertrouwen is dat betrokkene zijn gedrag niet zal aanpassen en dat de overplaatsing niet gerechtvaardigd is. De aangevallen uitspraak wordt vernietigd voor zover de rechtbank zelf in de zaak heeft voorzien, en het besluit van 10 juni 2015 wordt herroepen. De korpschef wordt veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: Het besluit tot overplaatsing van betrokkene wordt vernietigd wegens onvoldoende dienstbelang en motiveringsgebrek.