ECLI:NL:CRVB:2017:4162
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing schadevergoeding wegens verlies verdienvermogen na verkeersongeval
Appellante was werkzaam als medewerker personeelszaken en zou starten met een ontwikkeltraject naar een hogere functie toen zij betrokken raakte bij een verkeersongeval dat leidde tot arbeidsongeschiktheid. Hierdoor kon zij het traject niet afronden en kreeg zij eervol ontslag.
Appellante vorderde schadevergoeding van de veroorzaker van het ongeval, waarbij zij stelde dat zij door het ongeval geen carrière meer kon maken en een hogere functie niet kon bekleden. De minister verstrekte informatie over het beëindigde ontwikkeltraject, maar vermeldde niet expliciet dat zij bij aanvang of tijdens het traject bevorderd had kunnen worden.
Appellante stelde dat deze informatie onvolledig was en dat dit haar schade berokkende. De minister wees het verzoek af, stellende dat de brief geen onrechtmatige onvolledigheid bevatte en dat een eventuele bevordering afhankelijk is van evaluatie van werk- en studieresultaten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat appellante haar stelling niet aannemelijk heeft gemaakt en dat de vergelijking met een collega niet doorslaggevend is. Het verzoek om een getuige te horen wordt afgewezen omdat dit niet bijdraagt aan de beoordeling. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de afwijzing van het verzoek om schadevergoeding bevestigd.