ECLI:NL:CRVB:2017:3163
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking AIO-aanvulling zonder terugwerkende kracht wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant ontving een AIO-aanvulling naast zijn ouderdomspensioen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) schortte deze aanpassing op 11 juli 2015 op wegens het niet tijdig aanleveren van gevraagde gegevens, waaronder een taxatierapport van zijn woning in Turkije. Na een hersteltermijn en het niet voldoen daaraan, trok de Svb de AIO-aanvulling met terugwerkende kracht in.
Appellant vroeg vervolgens opnieuw een AIO-aanvulling aan met ingang van 5 oktober 2015. De Svb kende deze toe, maar met die ingangsdatum. Appellant maakte bezwaar tegen de ingangsdatum en stelde dat bijzondere omstandigheden een eerdere datum rechtvaardigen, zoals taalproblemen en miscommunicatie met de Svb, en het feit dat brieven naar een Nederlands adres werden gestuurd terwijl hij in het buitenland verbleef.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, en in hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad oordeelde dat volgens vaste rechtspraak de AIO-aanvulling ingaat op de datum van melding, tenzij bijzondere omstandigheden anders rechtvaardigen. In dit geval waren die bijzondere omstandigheden niet aannemelijk gemaakt en moest appellant zich richten tegen het eerdere besluit dat inmiddels onherroepelijk was geworden.
De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde de ingangsdatum van 5 oktober 2015 zonder terugwerkende kracht. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de AIO-aanvulling niet met terugwerkende kracht wordt toegekend wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.