ECLI:NL:CRVB:2017:3081
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstandsuitkering wegens niet gemelde woning in Marokko
Appellant en zijn echtgenote ontvingen bijstand en later een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO). De Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde een rechtmatigheidsonderzoek in naar niet gemeld verblijf en vermogen in het buitenland. Hierbij werd vastgesteld dat appellant eigenaar is van een woning in Marokko, getaxeerd op circa €30.600,-. De Svb beëindigde daarop de AIO-aanvulling en trok de bijstand en AIO-aanvulling over de periode 2003-2014 in, met terugvordering van €34.312,44.
Appellant voerde aan dat de woning in slechte staat verkeert, niet geschikt is voor bewoning en dat hij slechts gedeeltelijk eigenaar is. Hij verzocht om heropening van het onderzoek om een nieuwe taxatie te laten uitvoeren en bewijs van deeleigendom aan te dragen. De Raad oordeelde dat appellant vanaf de bezwaarfase had kunnen laten taxeren maar dit niet heeft gedaan, waardoor dit voor zijn risico komt. De stelling van deeleigendom was niet eerder aangevoerd en onvoldoende onderbouwd.
De Raad bevestigde dat de woning volgens het taxatierapport van een beëdigd taxateur in goede staat verkeert en aanzienlijk boven de vermogensgrens ligt. De bezwaren van appellant werden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand en AIO-aanvulling bevestigd.