ECLI:NL:CRVB:2017:2502
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toepassing kostendelersnorm bij verblijf met aanverwant verhuurder niet uitgesloten
Appellante ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet en woont sinds november 2014 bij het gezin van haar dochter op een adres waar ook de ex-partner van haar dochter, O., als verhuurder optreedt. Het college van burgemeester en wethouders van Helmond heeft de bijstand van appellante verlaagd met toepassing van de kostendelersnorm, omdat zij deel uitmaakt van een huishouden van drie meerderjarige personen.
Appellante voerde aan dat vanwege de commerciële relatie met de verhuurder, die tevens een aanverwant is, de kostendelersnorm niet zou moeten worden toegepast. Zij stelde dat dit tot onevenredige gevolgen leidt ten opzichte van personen die dezelfde huurprijs betalen maar niet onder de kostendelersnorm vallen.
De Raad overwoog dat de wettelijke uitzondering op de kostendelersnorm niet geldt voor personen die aanverwant zijn in de eerste graad, ook niet als er een commerciële huurovereenkomst bestaat. De kostendelersnorm blijft daarom van toepassing. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De kostendelersnorm wordt toegepast ondanks de commerciële huurovereenkomst met een aanverwant, en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.