ECLI:NL:CRVB:2017:245
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Stehouwer
- A.B.J. van der Ham
- J.L. Boxum
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onduidelijke leefsituatie voorafgaand aan aanvraag
Appellanten dienden op 14 november 2013 een aanvraag in voor bijstand op grond van de Wet werk en bijstand. Zij verklaarden dat zij na verkoop van hun bedrijf in 2011 leefden van betalingen van debiteuren, inkomsten uit arbeid en huurinkomsten. Het college wees de aanvraag af vanwege onvoldoende duidelijkheid over hun financiële situatie voorafgaand aan de aanvraag.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. Appellanten konden niet aantonen hoe de huurbetalingen werden voldaan en gaven onvoldoende inzicht in de aflossingen van debiteuren. Ook was de verkoop van hun woning pas na de aanvraag, waardoor de opbrengst daarvan niet relevant was.
Een latere aanvraag in april 2014 werd wel gehonoreerd omdat toen aanvullende stukken werden overgelegd die de financiële situatie verduidelijkten. Dit rechtvaardigde echter niet het toekennen van bijstand op basis van de eerdere aanvraag. De Raad concludeerde dat appellanten niet aan hun inlichtingenverplichting hadden voldaan en bevestigde de afwijzing van de oorspronkelijke aanvraag.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens onvoldoende duidelijkheid over de financiële situatie voorafgaand aan de aanvraag wordt bevestigd.