ECLI:NL:CRVB:2017:143
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor aanschaf kleding wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellanten, die sinds 2008 bijstand ontvangen, hebben bijzondere bijstand aangevraagd voor de aanschaf van kleding. Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees deze aanvraag af omdat de kosten tot de algemeen noodzakelijke kosten behoren die uit het eigen inkomen moeten worden voldaan, bijvoorbeeld door sparen of lenen. Het ontbreken van spaargeld of de mogelijkheid tot lenen vormt volgens vaste rechtspraak geen bijzondere omstandigheid.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de kosten van kleding uit de algemene bijstand moeten worden voldaan, tenzij bijzondere omstandigheden aantonen dat dit niet mogelijk is. Het feit dat appellanten schulden hebben en weinig reserveringsruimte, evenals de zorg voor een zoon met een verstandelijke beperking, werden niet als bijzondere omstandigheden erkend.
In hoger beroep herhaalden appellanten hun standpunten, maar de Raad volgde de rechtbank en bevestigde dat het ontbreken van reserveringsruimte geen bijzondere omstandigheid is. De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor kleding wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.