ECLI:NL:CRVB:2016:791
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- O.L.H.W.I. Korte
- J.F. Bandringa
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet gemelde inkomsten uit taartenverkoop
Appellante ontving bijstand op grond van de WWB en was aangemeld voor een traject om zelfstandigenbijstand aan te vragen vanwege een voorgenomen taartenbedrijf, dat zij niet heeft afgemaakt. Naar aanleiding van anonieme tips startte de gemeente Eindhoven een onderzoek naar mogelijke niet gemelde inkomsten uit taartenverkoop.
Het onderzoek, inclusief internetanalyse en getuigenverklaringen, wees uit dat appellante structureel taarten bakte en verkocht, zonder dit te melden aan het college. De rechtbank verklaarde het beroep tegen de intrekking en terugvordering ongegrond. Appellante voerde aan dat het om hobbyactiviteiten ging en dat de terugvordering disproportioneel was.
De Raad oordeelde dat de werkzaamheden op geld waardeerbaar waren en dat het niet melden hiervan een rechtsgrond vormde voor intrekking van de bijstand. Omdat appellante geen verifieerbare gegevens over inkomsten kon overleggen, was een schattenderwijs vaststelling van het recht op bijstand niet mogelijk. De Raad bevestigde de uitspraak en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.