ECLI:NL:CRVB:2016:4942
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- M.T. Boerlage
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Geen militair invaliditeitspensioen wegens ontbreken oorzakelijk dienstverband bij paranoïde schizofrenie
Appellant was beroepsmilitair en meerdere malen uitgezonden naar voormalig Joegoslavië. Na zijn vijfde uitzending keerde hij niet terug en werd hij in 2005 ontslagen wegens ziekten of gebreken. Een militair geneeskundig onderzoek in 2006 wees uit dat appellant leed aan een psychische aandoening, maar zonder oorzakelijk of verergerend dienstverband.
Appellant kreeg een garantiepensioen toegekend, maar geen militair invaliditeitspensioen. Hij maakte bezwaar en stelde dat er onterecht geen onderzoek was gedaan naar een mogelijke PTSS. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant zijn stellingen onvoldoende onderbouwde.
In hoger beroep overhandigde appellant een rapport van een psychiater die stelde dat appellant paranoïde schizofrenie had, niet veroorzaakt maar wel verergerd door militaire dienst. De Raad benoemde een eigen deskundige die deze diagnose onderschreef, maar geen verergerend dienstverband aannam vanwege gebrek aan objectieve aanwijzingen.
De Raad volgde de deskundige en concludeerde dat appellant's psychische klachten niet aantoonbaar door zijn militaire uitzendingen zijn verergerd. Het besluit om geen militair invaliditeitspensioen toe te kennen blijft daarom in stand. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om geen militair invaliditeitspensioen toe te kennen blijft gehandhaafd.