Uitspraak
21 maart 2014, 13/3123 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van wettelijke rente af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig vrachtwagenchauffeur, meldde zich ziek met nekklachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde vast dat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt was en wees de uitkering af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij het medische onderzoek van het UWV als zorgvuldig werd beoordeeld.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt dat zijn beperkingen en depressiviteit onderschat waren, onderbouwd met medische informatie van specialisten. De Raad concludeerde dat deze informatie niet relevant was voor de datum van beoordeling en dat het oordeel van de verzekeringsarts correct en goed gemotiveerd was. Er was geen aanleiding voor een onafhankelijke deskundige.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, wees het verzoek om wettelijke rente af en zag geen reden voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.