ECLI:NL:CRVB:2016:4466
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.N.A. Bootsma
- J.J.A. Kooijman
- H.A.A.G. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Ontslag militair wegens wangedrag na geweldsincident tijdens havenbezoek in Noorwegen
Appellant was werkzaam bij de Koninklijke Marine en was betrokken bij een geweldsincident in een café tijdens een havenbezoek in Noorwegen in juli 2013. Na onderzoek werd hij geschorst en vervolgens ontslagen wegens wangedrag, gebaseerd op zijn betrokkenheid bij het incident waarbij hij een glas in het gezicht van een collega sloeg en ernstig letsel toebracht.
Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft appellant schuldig bevonden aan poging tot zware mishandeling en een werkstraf van 120 uur opgelegd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het ontslagbesluit ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Centrale Raad van Beroep.
In hoger beroep ontkende appellant de woordenwisseling voorafgaand aan het incident en stelde dat hij uit zelfverdediging handelde. De Raad oordeelde dat op grond van artikel 8 MAW Pro het arrest van het Gerechtshof als bewijs geldt en bevestigde dat appellant zich schuldig heeft gemaakt aan het bewezen verklaarde feit.
De minister heeft het gedrag terecht als wangedrag aangemerkt en het ontslag als proportioneel beoordeeld gezien de ernst van het incident en de integriteitseisen voor militairen. De Raad bevestigde het ontslagbesluit en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag wegens wangedrag bevestigd.