ECLI:NL:CRVB:2016:443
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Onterechte weigering bijzondere toestemming voor inzage medische gegevens door gemachtigde werkgever
Betrokkene is werkgever van een werkneemster die een WIA-uitkering ontvangt. Het UWV weigerde aan de toenmalige gemachtigde van betrokkene, werkzaam bij een verzekeringsmaatschappij, bijzondere toestemming voor inzage in medische gegevens van de werkneemster. Betrokkene maakte bezwaar tegen dit besluit. De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond en vernietigde het besluit, waarbij zij bijzondere toestemming verleende aan de gemachtigde.
Het UWV stelde in hoger beroep dat er een verhoogd risico bestond dat de medische gegevens door de verzekeraar voor andere doeleinden dan het bezwaar zouden worden gebruikt, en dat daarom toestemming terecht was geweigerd. De Centrale Raad van Beroep volgde dit niet en oordeelde dat het UWV geen deugdelijke grond had om de toestemming te weigeren. Het UWV had nagelaten te onderzoeken hoe de waarborgen binnen de organisatie van de gemachtigde waren geregeld.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde het UWV in de proceskosten. Een verzoek om schadevergoeding door betrokkene werd afgewezen omdat nog niet vaststond dat betrokkene schade had geleden. Tevens werd bepaald dat tegen het nieuwe besluit op bezwaar alleen beroep bij de Raad kan worden ingesteld.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV ten onrechte bijzondere toestemming voor inzage in medische gegevens heeft geweigerd en veroordeelt het UWV in de proceskosten.