ECLI:NL:CRVB:2016:3980
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- H.G. Rottier
- H. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering onverschuldigd betaalde toeslag ondanks ernstige medische situatie
Appellant ontving een toeslag op grond van de Toeslagenwet die later door het UWV werd teruggevorderd wegens een te hoog ontvangen bedrag in 2011. Appellant voerde bezwaar aan met een beroep op de hardheidsclausule vanwege zijn ernstige medische situatie (asbestkanker) en de financiële onzekerheid die dit met zich meebracht.
Het UWV verklaarde het bezwaar ongegrond, gesteund door een rapport van de verzekeringsarts die geen aanwijzingen vond voor onaanvaardbare schade door terugvordering. Appellant leverde een medisch rapport van een radioloog aan, maar de verzekeringsarts bleef bij zijn oordeel dat geen uitzichtloze situatie bestond.
De rechtbank oordeelde dat de medische stukken onvoldoende aanknopingspunten boden om de terugvordering te stuiten en vond het onderzoek van de verzekeringsarts voldoende diepgaand. De Raad onderschrijft dit oordeel volledig en bevestigt de terugvordering, waarbij geen aanleiding is voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van de onverschuldigd betaalde toeslag ondanks de ernstige medische situatie van appellant.