ECLI:NL:CRVB:2016:3901
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van besluit over ondersteuning arbeidsinschakeling op grond van de WWB
Appellant ontving algemene bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en verzocht herhaaldelijk om opleidingen ter omscholing richting ICT, conform Europees beleid en beschikbare subsidies. Het dagelijks bestuur van WerkSaam Westfriesland kwalificeerde deze verzoeken als aanvragen om ondersteuning bij arbeidsinschakeling en wees financiële bijdragen af. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten en tegen het uitblijven van tijdige besluitvorming.
De rechtbank stelde appellant in het gelijk door het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag te vernietigen en het dagelijks bestuur te verplichten alsnog te beslissen. Het dagelijks bestuur nam vervolgens een brief met afspraken over het indienen van een voorstel voor ondersteuning, die appellant betwistte. De Raad oordeelt dat deze brief een besluit is als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat het een nadere concretisering is van de verplichtingen uit de WWB.
De Raad vernietigt het besluit van 23 april 2015 dat het bezwaar tegen de brief niet-ontvankelijk verklaarde, omdat de Raad zelf bevoegd is in hoger beroep. Het beroep van appellant tegen de brief van 10 december 2014 wordt ongegrond verklaard, omdat de verplichting om zelf met een voorstel te komen passend is gezien de wettelijke bepalingen en de situatie. De eerdere aangevallen uitspraak wordt bevestigd voor zover aangevochten.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 10 december 2014 wordt ongegrond verklaard en eerdere besluiten worden vernietigd.