ECLI:NL:CRVB:2016:3881
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toepassing kostendelersnorm bij wonen met bloedverwanten in vijfpersoonshuishouden
Appellante ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet en woont sinds 1 maart 2015 bij haar zus met nog drie andere meerderjarige personen in één woning. Het college heeft de bijstand verlaagd op basis van de kostendelersnorm voor een vijfpersoonshuishouden. Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen deze toepassing, stellende dat er sprake is van een commerciële kamerhuurovereenkomst met haar zus.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft het bezwaar ongegrond verklaard en geoordeeld dat de kostendelersnorm van toepassing is, omdat de zus van appellante een bloedverwant in de tweede graad is en de uitzondering voor commerciële relaties niet van toepassing is. In hoger beroep heeft appellante deze gronden herhaald zonder nieuwe feiten of argumenten aan te dragen.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft de motivering van de rechtbank en bevestigt het bestreden besluit. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt dat de kostendelersnorm ook geldt bij commerciële huurrelaties tussen bloedverwanten in de tweede graad binnen een vijfpersoonshuishouden.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de toepassing van de kostendelersnorm en wijst het hoger beroep van appellante af.