ECLI:NL:CRVB:2016:3261
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van juiste matching bij overgang naar LFNP-functie ambtenaar politie
Appellant betwistte de toekenning van zijn LFNP-functie door de korpschef, stellende dat de toegewezen functie niet het meest vergelijkbare domein en vakgebied betrof en dat hij onterecht niet was gematcht in de door hem gewenste functie. De Raad verwees naar de beleidsregels en de Regeling overgang naar een LFNP functie en concludeerde dat de werkzaamheden van appellant ondersteunend van aard zijn en geen directe bijdrage leveren aan operationele politietaken.
De Raad oordeelde dat de executieve status van appellant niet tot een andere beoordeling leidt, omdat deze status is toegekend vanwege de noodzaak tot toegang tot bepaalde systemen. De enkele stelling dat een andere functie ook verdedigbaar zou zijn, volstaat niet om de aangevallen uitspraak te vernietigen.
Daarnaast wees de Raad het betoog af dat de transponeringstabel als algemeen verbindend voorschrift zou gelden en dat daardoor bezwaar en beroep niet open zouden staan. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Tot slot wees de Raad het verzoek om vergoeding van proceskosten af, omdat appellant niet in het gelijk werd gesteld en er geen aanleiding was voor vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.