ECLI:NL:CRVB:2016:2758
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening kostendelersnorm bij bijstand
Verzoeker ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet en woont samen met zijn meerderjarige zoon die geen inkomen heeft en geen bijstand aanvraagt. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft de bijstand van verzoeker verlaagd met toepassing van de kostendelersnorm, waardoor hij 50% van het wettelijk minimumloon ontvangt.
De rechtbank Amsterdam heeft het beroep van verzoeker tegen deze verlaging ongegrond verklaard. Verzoeker stelde in hoger beroep een verzoek om voorlopige voorziening in, stellende dat hij financieel in grote problemen verkeert met slechts € 15,- over na vaste lasten.
De voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de financiële situatie van verzoeker, mede gezien zijn eigen keuze om de zorgpremie van zijn zoon te betalen en zijn ondersteuning via een sociale organisatie en familie, geen onverwijlde spoed rechtvaardigt. Daarom werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van onverwijlde spoed.