ECLI:NL:CRVB:2016:2598
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit en gegrondverklaring beroep inzake medewerkingsverplichting WWB-onderzoek
Appellante ontving aanvullende bijstand op grond van de WWB en werd verplicht mee te werken aan een onderzoek door Argonaut. Tegen dit besluit maakte zij bezwaar, dat door het dagelijks bestuur niet-ontvankelijk werd verklaard omdat het onderzoek al had plaatsgevonden en zij daaraan had meegewerkt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het procesbelang van appellante niet is verloren gegaan door haar medewerking aan het onderzoek. Zij vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep gegrond.
Inhoudelijk oordeelt de Raad dat het dagelijks bestuur een zelfstandige onderzoeksbevoegdheid heeft bij de uitvoering van de WWB en dat het bezwaar tegen de medewerkingsverplichting ongegrond is. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Het dagelijks bestuur wordt veroordeeld in de proceskosten van appellante en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit en de uitspraak worden vernietigd, het bezwaar inhoudelijk ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.