ECLI:NL:CRVB:2016:2309
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor hersteloperatie na sterilisatie wegens voorliggende voorziening Zorgverzekeringswet
Appellant verzocht bijzondere bijstand op grond van de WWB voor de kosten van een hersteloperatie na sterilisatie. Het college wees dit verzoek af omdat de Zorgverzekeringswet als voorliggende voorziening geldt voor medische zorg en de gevraagde behandeling niet als noodzakelijk wordt aangemerkt binnen die regeling.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat er sprake was van zeer dringende redenen vanwege de kans op vruchtbaarheid en dat het recht op family life werd geschonden. De Raad oordeelde dat de Zorgverzekeringswet inderdaad een passende en toereikende voorliggende voorziening is en dat de behandeling niet als noodzakelijk wordt aangemerkt.
De door appellant aangevoerde dringende redenen voldeden niet aan de strenge criteria van een acute noodsituatie en het beroep op het recht op family life faalde omdat er nog geen sprake is van een kind. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De bijzondere bijstand voor de hersteloperatie na sterilisatie wordt afgewezen omdat de Zorgverzekeringswet een passende voorliggende voorziening is en er geen acute medische noodzaak is.