ECLI:NL:CRVB:2016:2073
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- M.C.D. Embregts
- Rechtspraak.nl
Verzoek om vergoeding van extra verlofuren afgewezen wegens eerdere eindafrekening
Betrokkene, sinds 1978 werkzaam bij de gemeente Tytsjerksteradiel, kreeg in augustus 2008 eervol ontslag wegens arbeidsongeschiktheid en een eindafrekening met vergoeding voor 127 openstaande verlofuren. In 2012 verzocht hij om vergoeding van nog eens 254 verlofuren, stellende dat de eerdere afrekening niet in lijn was met Europese richtlijnen.
De rechtbank oordeelde dat de eerdere eindafrekening onaantastbaar was en dat de vordering van extra verlofuren nog niet verjaard was, waardoor appellant de aanvraag inhoudelijk moest beoordelen. Appellant verwees naar artikel 4:6 Awb Pro en weigerde het verzoek wegens ontbreken van nieuwe feiten.
De Raad stelde vast dat in het afrekeningsbesluit van 2008 ook de weigering besloten lag om meer verlofuren te vergoeden. Omdat betrokkene geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd, mocht appellant het verzoek afwijzen. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek om vergoeding van extra verlofuren wordt afgewezen omdat het eerdere afrekeningsbesluit als eindafrekening geldt en geen nieuwe feiten zijn aangevoerd.