Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
inachtneming van wat in deze uitspraak is overwogen;
ingesteld;
van in totaal € 413,- vergoedt;
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam als [naam functie] bij de politie, verzocht om doorstroming naar een hogere functie ([B]). Dit verzoek werd afgewezen omdat zijn functievervulling als geheel niet als 'goed' was beoordeeld. De beoordeling bevatte een negatief oordeel op het onderdeel 'samenwerken' en een 'krappe voldoende' voor de functievervulling als geheel, mede gebaseerd op een daling van 85% in de bonnenproductie.
Na bezwaar en een nieuwe beoordeling bleef het verzoek om doorstroming afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep oordeelt de Raad dat de korpschef onvoldoende onderbouwing heeft gegeven voor het negatieve oordeel over 'samenwerken', dat slechts gebaseerd was op een eenmalig incident. Ook is onvoldoende duidelijk welke norm gold voor de bonnenproductie en is geen rekening gehouden met ziekte van appellant.
Verder is vastgesteld dat de beoordeling pas na de afwijzing van het verzoek aan appellant bekend werd gemaakt, wat niet voldoet aan de zorgvuldigheidsnormen. Gezien deze gebreken vernietigt de Raad het bestreden besluit en beveelt een nieuwe beslissing op bezwaar, waarbij de vraag of de beoordeling voldoet aan de voorwaarde 'boven de norm' opnieuw moet worden beantwoord.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en de korpschef moet een nieuwe beslissing op bezwaar nemen over de doorstroming.