ECLI:NL:CRVB:2016:1763
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E.J.M. Heijs
- M.T. Boerlage
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging eervol ontslag wegens blijvende dienstongeschiktheid bij militair
Appellant, sinds 1994 militair bij de Koninklijke Marine en later het Korps Mariniers, kampte vanaf 2003 met sociaal-medische en functioneringsproblemen, waaronder een chronische posttraumatische stressstoornis (PTSS). Na diverse medische onderzoeken, waaronder een Militair Geneeskundig Onderzoek (MGO) in 2011 en een herhaling in 2012, werd vastgesteld dat appellant blijvend ongeschikt was voor de militaire dienst.
De minister verleende appellant op 1 september 2014 eervol ontslag wegens deze blijvende ongeschiktheid. Appellant betwistte de ontslagdatum en stelde dat het ontslag te vroeg was, mede vanwege vermeend falen van de Koninklijke Marine en onvoldoende koppeling van disfunctioneren aan medische klachten.
De Raad oordeelde dat de minister de ontslagbeschermingstermijn van twee jaar correct in acht had genomen, aangezien appellant zich voor het laatst in 2009 ziek meldde en de MGO-rapportages uit 2012 de blijvende ongeschiktheid bevestigden. De oorzaak van de PTSS en andere lopende procedures waren niet relevant voor de ontslagbeslissing. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het eervol ontslag bevestigd.