ECLI:NL:CRVB:2016:1371
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verplichting tot betaling eigen bijdrage zorginstelling over 2013
Betrokkene verbleef in een zorginstelling en was op grond van het Bijdragebesluit zorg (Bbz) een eigen bijdrage verschuldigd, vastgesteld en geïnd door CAK. Na een eerste vaststelling van de eigen bijdrage op basis van inkomensgegevens zonder grondslag sparen en beleggen, herzag CAK deze bijdrage en hield rekening met een grondslag sparen en beleggen van € 382.422,-, wat leidde tot een hogere eigen bijdrage.
Appellante, als enig erfgename van betrokkene, stelde bezwaar en beroep in tegen deze herziening, stellende dat de grondslag sparen en beleggen ten onrechte werd meegenomen en dat het inkomen over 2013 bepalend moest zijn. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat het besluit van 25 februari 2014, waarbij het bezwaar ongegrond werd verklaard, in rechte vaststaat omdat er geen beroep tegen is ingesteld. Hierdoor kan de inhoudelijke grond van appellante niet opnieuw worden betwist. De vastgestelde eigen bijdrage vormt een geldschuld waarop CAK terecht aanspraak maakt. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat CAK de eigen bijdrage over 2013 terecht heeft vastgesteld en dat appellante deze moet betalen.