ECLI:NL:CRVB:2016:109
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag wegens gezamenlijke huishouding zonder nieuwe omstandigheden
Appellant ontving bijstand als alleenstaande maar verhuisde naar het huis van een vriend waar hij een gezamenlijke huishouding voerde. Het college beëindigde daarom zijn bijstandsuitkering en wees een nieuwe aanvraag af omdat geen nieuwe omstandigheden waren aangetoond.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond omdat hij niet voldeed aan de voorwaarden voor bijstand. Appellant stelde in hoger beroep dat hij gerechtvaardigd mocht vertrouwen op bijstand vanwege coulance van het college.
De Raad oordeelde echter dat het vertrouwen niet gerechtvaardigd was omdat het college duidelijk had vastgesteld dat sprake was van een gezamenlijke huishouding. Zonder relevante wijziging in omstandigheden kon bijstand niet worden toegekend. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd wegens het ontbreken van relevante wijziging in de woonsituatie.