ECLI:NL:CRVB:2015:4946
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening studiefinanciering wegens niet-woonachtig op geregistreerd adres
Appellant ontving studiefinanciering op basis van de norm voor uitwonende studenten, maar uit controles bleek dat hij niet woonde op het adres waar hij in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (gba) stond ingeschreven. De minister herzag daarom de studiefinanciering en vorderde een bedrag terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de minister terecht uitging van de bevindingen tijdens huisbezoeken waarbij geen persoonlijke bezittingen van appellant werden aangetroffen op het gba-adres. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij wegens vakantie en verhuizing zijn kamer had leeggeruimd en dat de identiteit van de personen die de controleurs te woord stonden niet vaststaat.
De Raad oordeelt dat appellant zelf heeft erkend dat er geen spullen van hem aanwezig waren tijdens de controle en dat hij zijn bezittingen had overgebracht naar zijn nieuwe woning. Omdat appellant geen onomstotelijk bewijs heeft geleverd dat hij in de controletijd op het gba-adres woonde, is de herziening terecht. De hardheidsclausule is niet van toepassing omdat het vereiste bewijs ontbreekt. Het hoger beroep wordt verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de herziening van studiefinanciering naar de thuiswonende norm bevestigd.