ECLI:NL:CRVB:2015:4765
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.E. Bakker
- G. van Zeben-de Vries
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als consulent, viel op 25 juli 2011 uit wegens psychische klachten en de ziekte Gilles de la Tourette. Na medische en arbeidsdeskundige onderzoeken concludeerde het UWV dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was en daarom geen recht had op een WIA-uitkering voor de periode vanaf 22 juli 2013.
Appellant voerde bezwaar aan met het argument dat zijn beperkingen groter waren, met name door sociale en fysieke belastbaarheid. De verzekeringsarts bezwaar en beroep erkende een aanvullende beperking op het aspect samenwerken, maar de arbeidsdeskundige bleef van mening dat de geselecteerde functies passend waren. De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond en onderschreef het medische oordeel.
In hoger beroep handhaafde appellant zijn standpunten, maar kon hij deze niet met nieuwe medische gegevens onderbouwen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen correct waren vastgesteld. De geselecteerde functies bleken binnen de belastbaarheid van appellant te vallen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en wees het verzoek tot schadevergoeding af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering voor de periode 22 juli 2013 tot 13 februari 2014 wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.