ECLI:NL:CRVB:2015:4721
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaald verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige bijstandintrekking
Appellante ontving aanvankelijk bijstand vanaf 1 januari 2005, welke later door het college van burgemeester en wethouders van Coevorden met terugwerkende kracht werd ingetrokken en teruggevorderd. Na bezwaar en beroep werd dit besluit in 2006 herroepen en de bijstand over de periode 2005-2006 alsnog uitbetaald, inclusief rente en een schadevergoeding voor de gedwongen verkoop van haar woning.
In 2013 vroeg appellante opnieuw schadevergoeding voor vermogensverlies, immateriële schade en gederfd inkomen. Het college wees dit verzoek af wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
Appellante voerde aan dat een medisch rapport van juli 2014 een nieuw feit vormde, maar de Raad oordeelde dat dit rapport geen nieuwe feiten bevatte en dezelfde situatie beschreef als eerder beoordeeld. Tevens wees de Raad het verzoek om een dwangsom af, omdat niet aan de wettelijke voorwaarden was voldaan.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de eerdere uitspraken, en wees het hoger beroep af zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek om een dwangsom wordt geweigerd.