ECLI:NL:CRVB:2015:3566
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- M. ter Brugge
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Herziening bijstandsverlaging wegens niet-medewerking aan arbeidsinschakeling
Appellant ontving bijstand en werd meerdere malen opgeroepen voor medisch/psychologisch onderzoek en gesprekken over arbeidsinschakeling, waaraan hij niet meewerkte. Het college verlaagde zijn bijstand met 30%, vervolgens met 100% voor één maand en daarna opnieuw met 100% voor twee maanden wegens recidive.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat de kwalificatie van zijn gedragingen onjuist was en dat de opgelegde maatregelen niet in overeenstemming waren met de Maatregelenverordening. Het college erkende dat een uitnodiging voor een gesprek geen oproep voor medisch onderzoek was en stelde zich op het standpunt dat de verlaging van 30% voor één maand passend was.
De Raad oordeelde dat de eerdere uitspraken vernietigd moesten worden en stelde de verlagingen vast op 30% voor één maand en 100% voor één maand, waarbij geen matiging werd toegepast ondanks persoonlijke omstandigheden van appellant. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De bijstand van appellant wordt verlaagd met 30% voor één maand en met 100% voor één maand, eerdere besluiten worden herroepen en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.