ECLI:NL:CRVB:2015:3476
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.E. Bakker
- G. van Zeben-de Vries
- Rechtspraak.nl
Intrekking met terugwerkende kracht van WIA-uitkering wegens simulatie en schending inlichtingenplicht
Betrokkene, een controleur, ontving vanaf 17 november 2010 een IVA-uitkering wegens een ernstige psychiatrische stoornis. Later onderzoek door een stafverzekeringsarts en onafhankelijke deskundigen stelde vast dat betrokkene zijn klachten volledig had gesimuleerd. Het UWV trok daarop de uitkering met terugwerkende kracht in en vorderde onverschuldigd betaalde bedragen terug.
In bezwaar en beroep voerde betrokkene aan dat hij wel degelijk arbeidsongeschikt was, onderbouwd met een rapport van een psychiater die depressieve en paniekstoornissen constateerde. De rechtbank en de Raad hechtten echter meer waarde aan het onafhankelijke onderzoek dat simulatie aantoonde en concludeerden dat betrokkene de verzekeringsartsen bewust had misleid.
De Raad oordeelde dat intrekking met terugwerkende kracht in principe strijdig is met het rechtszekerheidsbeginsel, maar dat uitzonderingen mogelijk zijn bij onjuiste informatieverschaffing door de uitkeringsgerechtigde. Het UWV had de feiten voldoende gesteld en aannemelijk gemaakt. De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat de uitkering terecht was ingetrokken en teruggevorderd, en dat dit niet in strijd was met het rechtszekerheidsbeginsel.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV de WIA-uitkering met terugwerkende kracht mocht intrekken wegens simulatie en schending van de inlichtingenplicht.