ECLI:NL:CRVB:2015:3457
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens voldoende zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante, werkzaam als applicatiebeheerder, viel uit wegens klachten waaronder overgevoeligheid voor geluiden en psychische klachten. Na een medisch onderzoek door verzekeringsartsen van het Uwv werd vastgesteld dat zij niet arbeidsongeschikt genoeg was voor een WIA-uitkering. De beperkingen werden vastgelegd in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML).
Appellante maakte bezwaar en voerde aan dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat haar beperkingen onderschat waren. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, maar bracht geen nieuwe medische stukken in. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de verzekeringsartsen voldoende zorgvuldig hadden gehandeld, rekening hadden gehouden met haar klachten en dat de FML niet onjuist was. Ook was er geen aanleiding een deskundige in te schakelen. De Raad bevestigde daarom het eerdere oordeel en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.