ECLI:NL:CRVB:2015:2400
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens niet duurzaam gescheiden leven na huwelijk
Appellant ontving bijstand als alleenstaande met toeslag sinds augustus 2011. Na zijn huwelijk op 12 september 2012 stelde de Dienst Werk en Inkomen een onderzoek in dat leidde tot intrekking van de bijstand en terugvordering van kosten over de periode 12 september 2012 tot 28 februari 2013.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant en zijn echtgenote niet duurzaam gescheiden leefden in de relevante periode, omdat zij elkaar regelmatig zagen, persoonlijke spullen deelden en de intentie hadden om samen te wonen. Dit betekent dat appellant niet als alleenstaande bijstand kon ontvangen.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat geen ondubbelzinnige toezegging is gedaan door het bevoegde bestuursorgaan. De klantmanager was niet beslissingsbevoegd en appellant moest weten dat diens mededelingen slechts werden doorgegeven aan de inkomensconsulent.
De Raad bevestigt het bestreden besluit en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd omdat appellant en zijn echtgenote niet duurzaam gescheiden leefden.