ECLI:NL:CRVB:2015:2397
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Beslissing over incidentele aanvullende uitkering op grond van bijzondere inzet gemeente Woensdrecht
De zaak betreft het beroep van het college van burgemeester en wethouders van Woensdrecht tegen de weigering van de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid om een incidentele aanvullende uitkering (IAU) toe te kennen over 2010. Na een eerdere tussenuitspraak waarbij het oorspronkelijke besluit werd vernietigd wegens onvoldoende motivering, heeft de staatssecretaris een nieuw besluit genomen dat het bezwaar opnieuw ongegrond verklaart, gebaseerd op een aanvullend advies van de Toetsingscommissie (TC).
De TC concludeerde dat de gemeente Woensdrecht in 2010 geen zodanige bijzondere inzet heeft verricht op het gebied van uitstroombevordering, instroombeperking en handhaving die rechtvaardigt dat de hardheidsclausule wordt toegepast. De Raad oordeelt dat de TC haar standpunt voldoende heeft gemotiveerd en dat de staatssecretaris zich terecht op dit advies heeft gebaseerd.
De Raad wijst erop dat de gemeente onvoldoende cijfermatige onderbouwing heeft gegeven van haar beleid en resultaten, en dat standaardactiviteiten niet als bijzondere inzet kunnen worden aangemerkt. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de situatie in Woensdrecht niet vergelijkbaar is met andere gemeenten. Het beroep tegen het nadere besluit wordt daarom ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het oorspronkelijke besluit gegrond wordt verklaard en dat besluit wordt vernietigd.
Ten slotte wordt vastgesteld dat appellant geen recht heeft op vergoeding van proceskosten, behalve de vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het nadere besluit wordt ongegrond verklaard en het verzoek om incidentele aanvullende uitkering wordt afgewezen.