ECLI:NL:CRVB:2015:2188
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde aanvraag Wajong-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant heeft in 2006 een Wajong-uitkering aangevraagd die is afgewezen. Na een herhaalde aanvraag in 2011, waarin werd gesteld dat appellant intensieve begeleiding nodig heeft, heeft het UWV opnieuw de uitkering geweigerd omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren vastgesteld die een herziening rechtvaardigen.
De rechtbank Groningen heeft het beroep van appellant ongegrond verklaard en de Raad bevestigt dit oordeel. De medische verklaringen en rapporten die appellant indiende, werden niet als nieuw of doorslaggevend beschouwd. Ook het niet afronden van een studie werd niet gezien als een nieuw feit.
De Raad oordeelt dat de aanvraag van appellant als een herhaling van de eerdere aanvraag moet worden beoordeeld en dat het eerdere besluit onherroepelijk is geworden. Er is geen aanleiding om een deskundige te benoemen of het besluit te herzien. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de herhaalde Wajong-aanvraag wegens ontbreken van nieuwe feiten.