ECLI:NL:CRVB:2015:1572
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- E.J.M. Heijs
- W.J.A.M. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Ontslag militair wegens plichtsverzuim door hennepbezit en vervaardigen kinderpornografie
Betrokkene was militair bij de Koninklijke Luchtmacht en werd veroordeeld wegens bezit van hennep en het vervaardigen en bezitten van kinderpornografische afbeeldingen van zijn minderjarige dochter. Naar aanleiding hiervan werd hem ontslag verleend op grond van wangedrag.
De rechtbank vernietigde het ontslagbesluit vanwege onvoldoende motivering over de evenredigheid van het ontslag, mede gezien het drugsbeleid van appellant en de aard van de kinderpornografische afbeeldingen. De Minister van Defensie ging in hoger beroep tegen dit oordeel.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het ontslag gegrond is op het vervaardigen en bezit van kinderpornografie, dat reeds voldoende is om het ontslag te dragen. De Raad vond dat appellant voldoende heeft gemotiveerd waarom het plichtsverzuim aan betrokkene is toe te rekenen en dat het ontslag niet onevenredig is, ondanks de persoonlijke gevolgen voor betrokkene.
Het hoger beroep van appellant werd gegrond verklaard, de eerdere uitspraak van de rechtbank vernietigd en het ontslagbesluit gehandhaafd. Het besluit van 12 augustus 2014 werd vernietigd omdat de grondslag daarvan was komen te vervallen.
De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling in hoger beroep.
Uitkomst: Het ontslag van de militair wegens plichtsverzuim door bezit van hennep en vervaardigen van kinderpornografie blijft in stand.