ECLI:NL:CRVB:2015:1301
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- M.F. Wagner
- G. van Zeben-de Vries
- D.S. de Vries
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over rolstoelhandschoenen als compenserende voorziening onder Wmo
Appellant, met een incomplete dwarslaesie en beperkte handfunctie, is vrijwel volledig rolstoelafhankelijk en vroeg het college om twaalf paar rolstoelhandschoenen per jaar te verstrekken. Het college wees dit af en verstrekte één paar slijtvastere handschoenen van het merk Bewi-Techniek, die volgens het college de goedkoopst adequate voorziening vormden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het college voldoende compensatie bood en dat de klachten van appellant onvoldoende objectief waren onderbouwd. Appellant ging in hoger beroep en stelde dat zonder geschikte handschoenen zijn maatschappelijke participatie ernstig wordt belemmerd.
De Raad oordeelt dat het college geen zorgvuldig onderzoek heeft gedaan, met name ontbreekt een gedegen analyse van de eigenschappen van de twee soorten handschoenen in relatie tot de beperkingen en vervoersbehoefte van appellant. Het college heeft onvoldoende medisch en revalidatietechnisch onderzoek verricht, terwijl appellant afhankelijk is van een niet-elektrische rolstoel met smartdrive.
De Raad draagt het college op binnen zes weken het gebrek te herstellen en te bepalen welk type handschoenen en welke levensduur passend zijn als compenserende voorziening voor appellant.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het gebrek in het besluit te herstellen door een zorgvuldig onderzoek naar de passende rolstoelhandschoenen voor appellant.