ECLI:NL:CRVB:2014:799
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende aannemelijkheid van bijstandbehoevende omstandigheden
Appellant heeft meerdere keren een aanvraag om bijstand ingevolge de Wet werk en bijstand (WWB) ingediend, maar deze aanvragen werden ingetrokken of afgewezen vanwege twijfels over zijn woonsituatie en inkomensgegevens.
Tijdens het intakegesprek verklaarde appellant te leven van leningen, zorgtoeslag en kleine klusjes, maar deze verklaringen waren inconsistent en niet controleerbaar. Het college vond dat appellant onvoldoende en niet eenduidige informatie had verstrekt over zijn financiële situatie.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Raad oordeelde dat appellant tekort was geschoten in zijn inlichtingenplicht en daardoor niet kon worden vastgesteld dat hij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde.
De Raad wees het hoger beroep af en bevestigde het bestreden besluit van het college dat de aanvraag om bijstand afwees. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De bijstandsaanvraag van appellant wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van bijstandbehoevende omstandigheden.