ECLI:NL:CRVB:2014:732
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.T. van den Corput
- J.S. van der Kolk
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening zwangerschaps- en bevallingsuitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Werkneemster ontving een zwangerschaps- en bevallingsuitkering en meldde zich aansluitend ziek met psychische klachten. Het UWV weigerde een Ziektewetuitkering omdat de arbeidsongeschiktheid niet aan zwangerschap of bevalling kon worden toegeschreven. Appellante vroeg herziening met nieuwe medische rapporten, waaronder een diagnose van kraamvrouwenpsychose.
De rechtbank oordeelde dat de psychische klachten niet zwangerschapgerelateerd waren en dat het UWV de weigering terecht handhaafde. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelde dat het bestuursorgaan bij herziening slechts mag toetsen op nieuwe feiten of veranderde omstandigheden en dat die hier ontbraken.
De medische gegevens wezen op een psychische overbelasting door stressfactoren buiten zwangerschap, waaronder een traumatisch incident na de bevalling. De diagnose kraambedpsychose werd niet als voldoende causaal verband met zwangerschap gezien. Het beroep van appellante op een standaard en een psychiatrisch rapport over een andere persoon faalde eveneens.
De Raad concludeerde dat het UWV in redelijkheid heeft gehandeld en bevestigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op het eerdere besluit vanwege het ontbreken van nieuwe en overtuigende feiten.