ECLI:NL:CRVB:2014:4108
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- P.W. van Straalen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag incidentele aanvullende uitkering wegens ontbreken uitzonderlijke arbeidsmarktsituatie
Appellant, het college van burgemeester en wethouders van Middelburg, diende een verzoek in voor een incidentele aanvullende uitkering (IAU) over 2011. De staatssecretaris wees dit verzoek af op basis van het advies van de Toetsingscommissie WWB (TC), die oordeelde dat niet was voldaan aan de statistische criteria voor een uitzonderlijke arbeidsmarktsituatie zoals gesteld in artikel 15 van Pro de Regeling WWB en WIJ.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat er wel degelijk sprake was van een uitzonderlijke situatie, onder meer vanwege een sterke stijging van het aantal niet werkende werkzoekenden in 2011 en het faillissement van grote bedrijven in de regio. De TC en de staatssecretaris weerlegden deze stellingen met onderbouwing dat de ontwikkeling over meerdere jaren en andere indicatoren geen uitzonderlijke situatie aangaven.
De Raad concludeerde dat de TC terecht het standpunt innam dat de arbeidsmarktsituatie in Middelburg niet uitzonderlijk was, mede omdat niet aan de gestelde statistische criteria werd voldaan en de aanvullende analyse van appellant onvoldoende overtuigend was. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag voor een incidentele aanvullende uitkering is terecht afgewezen wegens het ontbreken van een uitzonderlijke situatie op de arbeidsmarkt.