ECLI:NL:CRVB:2014:3861
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens onvoldoende arbeidsinschakeling ondanks betwisting begeleiding
Appellant ontvangt bijstand als alleenstaande ouder en volgde een re-integratietraject bij Baanbrekend. De jobcoach meldde hem terug bij het college vanwege onvoldoende opvolging van opdrachten en het niet bijwerken van het logboek, ondanks een laatste kans e-mail. Hierdoor werd het traject beëindigd.
Het college verlaagde de bijstand met 100% voor een maand, een matiging van de standaardmaatregel van drie maanden, vanwege het feit dat het de eerste maatregel betrof en rekening houdend met persoonlijke omstandigheden. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze maatregel ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat de begeleiding onder de maat was en dat het college dit erkende door een nieuwe jobcoach in te zetten. De Raad oordeelde dat appellant geen klachten had gemeld en zich aan afspraken moest houden, ongeacht zijn mening over de begeleiding. Daarom was er geen sprake van verminderde verwijtbaarheid.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 100% voor de duur van één maand wordt bevestigd.