ECLI:NL:CRVB:2014:3421
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in sociale zekerheidsprocedure
Verzoekster heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank in een zaak tegen het UWV. De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek heropend om een nadere uitspraak te doen over het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
De Raad constateerde dat de procedure in totaal vijf jaar en een maand heeft geduurd, waarbij de redelijke termijn van vier jaar voor een procedure in drie instanties is overschreden. De Raad weegt daarbij de complexiteit van de zaak, het gedrag van verzoekster en het belang van de zaak mee, maar vindt geen rechtvaardiging voor de overschrijding.
De Raad veroordeelt de Staat tot een schadevergoeding van €1.000,- en het UWV tot €500,- aan verzoekster wegens immateriële schade. Proceskostenvergoeding wordt niet toegekend. Hiermee wordt de bescherming van het recht op een redelijke termijn in bestuurs- en bestuursrechtelijke procedures benadrukt.
Uitkomst: De Staat en het UWV worden veroordeeld tot betaling van in totaal €1.500,- schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.