ECLI:NL:CRVB:2014:3240
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onvoldoende duidelijkheid over financiële situatie
Appellant ontving tot 29 maart 2011 bijstand, welke later werd ingetrokken vanwege het niet verstrekken van gevraagde gegevens. Op 18 mei 2011 vroeg appellant opnieuw bijstand aan, maar het college wees deze aanvraag af omdat appellant geen bewijsstukken over de hoogte van leningen van particulieren had verstrekt.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. Appellant stelde dat hij geen leningen meer afsloot en dat het college later op 9 augustus 2011 wel bijstand had toegekend, terwijl de situatie gelijk was.
De Raad oordeelde dat appellant niet had aangetoond dat zijn omstandigheden waren gewijzigd ten opzichte van de intrekking van de bijstand. De enkele stelling dat hij geen leningen meer had afgesloten was onvoldoende zonder verifieerbare bewijsstukken. De Raad concludeerde dat het college de aanvraag terecht had afgewezen en dat de situatie op 18 mei 2011 niet gelijk was aan die op 9 augustus 2011, omdat appellant pas later verklaarde dat het om giften ging in plaats van leningen.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand is terecht afgewezen wegens onvoldoende duidelijkheid over de financiële situatie van appellant.