ECLI:NL:CRVB:2014:2922
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- C.H. Bangma
- W.J.A.M. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vergoeding immateriële schade na toekenning bijzondere beloning
De zaak betreft het hoger beroep van de Staatssecretaris van Financiën tegen een uitspraak van de rechtbank Maastricht over het niet toekennen van een bijzondere beloning aan betrokkene voor het jaar 2009. Na een tussenuitspraak werd het besluit van 28 november 2012 herzien en werd alsnog een bijzondere beloning toegekend.
Betrokkene verzocht daarnaast om vergoeding van immateriële schade wegens de langdurige procedure, imagoschade, gederfde levensvreugde en gezondheidsklachten. De Raad oordeelde dat betrokkene onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van geestelijk letsel dat vergoeding rechtvaardigt. Ook werd geen schending van eer of goede naam vastgesteld.
Verder wees de Raad het verzoek tot vergoeding van proceskosten voor het verrichten van proceshandelingen af, omdat hiervoor geen grond bestaat buiten artikel 8:75 Awb Pro. Wel werd appellant veroordeeld tot vergoeding van reiskosten van betrokkene. De Raad bevestigde de vernietiging van de besluiten en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Verzoek om vergoeding van immateriële schade wordt afgewezen; besluiten worden vernietigd en reiskosten worden toegewezen.