ECLI:NL:CRVB:2014:2206
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging intrekkingsbesluit inkomensvoorziening Wet investeren in jongeren
Betrokkene ontving vanaf juni 2011 een inkomensvoorziening op grond van de Wet investeren in jongeren (WIJ). Appellant, het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam, trok deze voorziening in met ingang van 29 september 2011 wegens weigering van een werkleeraanbod. Betrokkene stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank oordeelde dat appellant geen concreet werkleeraanbod had gedaan en vernietigde het besluit wegens strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Appellant herstelde het motiveringsgebrek door te stellen dat betrokkene zijn verplichtingen uit artikel 45 WIJ Pro niet nakwam. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en handhaafde de rechtsgevolgen. Appellant ging in hoger beroep en betoogde dat het nieuwe artikel 6:22 Awb Pro (ingegaan per 1 januari 2013) van toepassing was, waardoor het gebrek gepasseerd had moeten worden.
De Centrale Raad oordeelt dat het beroep tegen het besluit dat vóór 1 januari 2013 is bekendgemaakt, onder het overgangsrecht valt en het oude artikel 6:22 Awb Pro van toepassing is. Dit artikel biedt geen ruimte voor het passeren van het gebrek. Daarom is de vernietiging door de rechtbank terecht. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de vernietiging van het intrekkingsbesluit wordt bevestigd.