Uitspraak
22 februari 2013, 12/2733 (aangevallen uitspraak)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante was in tijdelijke dienst bij de gemeente Amsterdam en had een voorwaardelijk strafontslag opgelegd gekregen vanwege plichtsverzuim door ongeoorloofd ziekteverzuim en een maand verblijf in Suriname zonder overleg. Bij een tweede overtreding binnen een jaar werd het strafontslag ten uitvoer gelegd.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij toestemming had gekregen voor een langere vakantie en dat haar plichtsverzuim niet aan haar toe te rekenen was vanwege psychische klachten. De Raad oordeelde dat tijdens het arbeidsvoorwaardengesprek geen specifieke afspraken over de lengte van de vakantie waren gemaakt en dat appellante langer dan toegestaan afwezig was geweest.
Het psychiaterrapport van Remijnse gaf geen aanwijzingen dat appellante door een psychiatrische ziekte niet verantwoordelijk kon worden gehouden voor het plichtsverzuim. Ook de verklaring van haar eigen psychiater bood onvoldoende grond om dit te betwijfelen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de tenuitvoerlegging van het strafontslag bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot tenuitvoerlegging van het voorwaardelijk strafontslag wegens ongeoorloofde afwezigheid.