ECLI:NL:CRVB:2014:1779
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- W.J.A.M. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Oplegging onvoorwaardelijk ontslag wegens ernstig plichtsverzuim door bezit en verspreiding kinderporno
Betrokkene, sinds 1993 burgerambtenaar bij Defensie, werd in 2011 veroordeeld voor bezit, verspreiding en bekijken van kinderporno. De rechtbank Breda legde een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf op, waarbij rekening werd gehouden met beperkte verspreiding en betrokkene's inzet voor gedragsverbetering.
Defensie legde betrokkene onvoorwaardelijk ontslag op wegens ernstig plichtsverzuim. De rechtbank Zeeland-West-Brabant vernietigde dit besluit deels, oordelend dat het ontslag niet evenredig was gezien het ontbreken van functieverlies of publieke herkenbaarheid en het belang van betrokkene bij behoud van zijn baan.
De Centrale Raad van Beroep herroept deze uitspraak en verklaart het beroep ongegrond. De Raad benadrukt dat het bezit en verspreiden van kinderporno een ernstige inbreuk vormt op integriteit en vertrouwen, wat het aanzien van Defensie schaadt. De langdurige onberispelijke staat van dienst doet hieraan niet af. Het onvoorwaardelijk ontslag is daarmee gerechtvaardigd.
Het nadere besluit van schorsing met inhouding van loon wordt vernietigd omdat de grondslag daarvoor is komen te vervallen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het ontslagbesluit wordt ongegrond verklaard en het onvoorwaardelijk ontslag gehandhaafd.