ECLI:NL:CRVB:2014:1751
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- F. Hoogendijk
- G.M.G. Hink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor aanschaf eethoek wegens voorzienbare kosten
Appellante, die sinds 1999 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor de aanschaf van een eethoek. Het college wees de aanvraag af omdat deze kosten tot de noodzakelijke kosten van het bestaan behoren die uit eigen middelen moeten worden betaald, zonder bijzondere omstandigheden zoals bedoeld in artikel 35, eerste lid, WWB.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Raad overwoog dat bijzondere bijstand alleen kan worden toegekend als de kosten noodzakelijk zijn, voortvloeien uit bijzondere omstandigheden en niet kunnen worden voldaan uit de bijstandsnorm of eigen middelen.
Appellante stelde dat zij wegens schulden en een onterechte intrekking van haar bijstand niet had kunnen reserveren voor de kosten. De Raad oordeelde dat het ontbreken van reserveringsruimte vanwege schulden geen bijzondere omstandigheid is en dat de kosten voorzienbaar waren. Ook was niet aannemelijk dat de schulden verband hielden met de periode van intrekking. Daarom faalde het hoger beroep en werd de afwijzing van bijzondere bijstand bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van bijzondere bijstand voor de aanschaf van een eethoek wordt bevestigd omdat de kosten voorzienbaar waren en appellante had moeten reserveren.