ECLI:NL:CRVB:2014:1431
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-melding maandelijkse giften
Appellante ontving van februari tot oktober 2010 maandelijks € 700,- van de diaconie, wat zij niet volledig heeft gemeld bij het college van burgemeester en wethouders van Kampen. Dit leidde tot een onderzoek naar de rechtmatigheid van haar bijstandsuitkering. Het college trok de bijstand over de periode 1 maart tot 31 augustus 2010 in en vorderde een bedrag van € 4.014,- netto terug.
Appellante voerde aan dat zij de bijdragen als lening ontving en dat zij de inlichtingenverplichting niet schond, mede omdat zij in een gesprek met een bijstandsconsulent had begrepen dat melding niet nodig was. De Raad oordeelde echter dat de feitelijke ontvangst van de bijdragen op de rechtmatigheidsonderzoeksformulieren vermeld had moeten worden en dat het college te allen tijde op de juistheid van die gegevens moet kunnen vertrouwen.
Verder stelde de Raad vast dat de lening in november 2010 was kwijtgescholden, waardoor de bijdragen als giften moesten worden beschouwd. Volgens het gemeentelijk beleid worden periodieke giften boven 15% van de bijstandsnorm als inkomen gezien. De ontvangen giften van € 700 per maand overschreden deze grens, waardoor het college terecht rekening hield met een totaalbedrag van € 4.900,-.
Het beroep van appellante werd ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van de bijstand bevestigd. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens niet-melding van maandelijkse giften.