ECLI:NL:CRVB:2014:1101
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- J.J.A. Kooijman
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Beëindiging en afbouw van toelage bij interim functievervulling ambtenaar
Appellant was adjunct-directeur en vervulde vanaf oktober 2007 een interim functie bij een ander overheidsbedrijf, waarvoor hem een toelage werd toegekend op grond van artikel 8 BBRA Pro. Na opheffing van zijn oorspronkelijke functie en fusie van bedrijven werd hij bovenformatief geplaatst, behield zijn salaris maar de toelage werd vanaf augustus 2011 afgebouwd en per 1 augustus 2012 beëindigd.
Appellant maakte bezwaar tegen de afbouwregeling, welke gedeeltelijk werd toegewezen door de minister, waarna een nieuwe afbouwregeling werd vastgesteld. De rechtbank vernietigde het besluit over de afbouwregeling wegens procedurele tekortkomingen, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Appellant was het eens met de vernietiging maar niet met het in stand laten van de rechtsgevolgen.
De Centrale Raad oordeelde dat de toelage tijdelijk was toegekend in het kader van de interim functievervulling en dat het einde daarvan de beëindiging van de toelage rechtvaardigde. De afbouwregeling bracht appellant materieel niet slechtere positie dan artikel 18b BBRA zou doen. De Raad bevestigde daarom het bestreden vonnis en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging en afbouw van de toelage en wijst het hoger beroep af.