ECLI:NL:CRVB:2013:CA0053
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewet-uitkering wegens voldoende arbeidsvermogen
Appellant, werkzaam als productiemedewerker, ontving een Werkloosheidswet-uitkering tot 30 november 2010 en meldde zich met terugwerkende kracht ziek per die datum. Na medisch onderzoek door een verzekeringsarts en een bezwaarverzekeringsarts concludeerde het UWV dat appellant met zijn beperkingen door slaapproblemen geschikt was om te werken. Op basis hiervan werd de Ziektewet-uitkering geweigerd en het bezwaar ongegrond verklaard.
De rechtbank Breda verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, stellende dat het medische onderzoek zorgvuldig was en de conclusie dat appellant zijn werk kon verrichten werd gedragen door de beschikbare gegevens. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn beperkingen werden onderschat, onder meer vanwege een depressieve periode en aanvullende medische informatie van een psychiater en huisarts.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV-onderzoek zorgvuldig was en dat de conclusie dat appellant geschikt was voor zijn functie standhield. De Raad verwierp de nieuwe medische informatie omdat deze onvoldoende betrekking had op de datum van 30 november 2010 en niet leidde tot twijfel aan het eerdere oordeel. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Ziektewet-uitkering bevestigd.