ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6131
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verplichtingen loonheffingskorting en belastingaangifte bij terugvordering bijstand
Appellante ontvangt sinds 2000 bijstand en kreeg deze in 2006 ingetrokken, maar na bezwaar werd de bijstand voortgezet. Het college vorderde in 2009 een bedrag terug wegens nabetalingen van nabestaandenpensioenen en heffingskortingen. In 2011 legde het college appellante verplichtingen op om loonheffingskorting toe te passen via Delta Lloyd, belastingaangifte te doen over 2001-2010 en kopieën van aanslagen te verstrekken.
De rechtbank vernietigde het besluit van het college deels, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit in hoger beroep. De Raad oordeelt dat de opgelegde verplichtingen terecht zijn gebaseerd op artikel 55 WWB Pro, omdat deze strekken tot vermindering van de bijstand. Het college heeft de bevoegdheid redelijk gebruikt.
Appellante voerde aan dat loonheffingskorting slechts bij één instantie tegelijk kan worden toegepast en dat zij te weinig tijd en hulp had voor de aangifte, maar deze bezwaren worden verworpen. De Raad benadrukt dat het aan Delta Lloyd is om te bepalen of het verzoek tot loonheffingskorting kan worden gehonoreerd en dat appellante voldoende tijd heeft gehad om aangifte te doen. Andere aangevoerde gronden vallen buiten de reikwijdte van dit geding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit wordt bevestigd.